Peiling TNS NIPO: SP neemt kleine voorsprong op VVD

Gepubliceerd: 10-07-2012

GroenLinks levert opnieuw zetel in: nu drie zetels

 

Als er ‘vandaag verkiezingen voor de Tweede Kamer zouden worden gehouden’, maken de SP en VVD nog altijd de meeste kans op de eindoverwinning. De SP komt in de TNS NIPO-peiling van 10 juli 2012 drie zetels hoger uit dan de VVD (34 versus 31 zetels). Vorige week zaten beide partijen nog nagenoeg op dezelfde hoogte (VVD 32 zetels, SP 31 zetels).


De positie van PvdA (20 zetels), PVV (18 zetels), D66 (16 zetels) en CDA (13 zetels) verandert andermaal nauwelijks. De commotie binnen de PVV heeft vooralsnog niet geleid tot fors zetelverlies. GroenLinks levert opnieuw een zetel in en komt nu op een schamele drie zetels. De ChristenUnie houdt de goede positie vast en laat 8 zetels noteren en de SGP komt opnieuw op drie zetels. 50 Plus en de Partij voor de Dieren op twee. De PiratenPartij (0,3%) en DPK (0,3%) komen wederom te kort voor een zetel.

 

1 | VVD en SP wisselen stuivertje ten aanzien van koppositie

 

TK 2010

 

26 juni

‘12

3 juli

‘12

10 juli 

‘12

VVD

31

 

34

32

31

PvdA

30

 

19

19

20

PVV

24

 

18

19

18

CDA

21

 

14

14

13

SP

15

 

30

31

34

D66

10

 

18

17

16

GL

10

 

5

4

3

CU

5

 

7

7

8

PvdD

2

 

2

2

2

SGP

2

 

2

3

3

50 Plus

-

 

1

2

2

DPK

-

 

0

0

0

PiratenPartij

-

 

0

0

0

Overig

0

 

0

0

0

 

 


Nog slechts een op de drie kiezers ‘zeker’ van voorkeur

Van de kiezers die nu een voorkeur voor een bepaalde partij kunnen geven (72% van de ondervraagden), weten ruim vier op de tien kiezers (43%) zeker dat ze op deze partij gaan stemmen. Voor nog eens 36% is het zeer waarschijnlijk dat het deze partij wordt. Samen dus bijna 80%.

Omgerekend naar alle kiesgerechtigden (dus inclusief degenen die nog geen voorkeur kunnen geven omdat ze nog niet weten welke partij dat zou moeten zijn of niet gaan stemmen) kunnen we stellen dat slechts 31% van alle kiezers zo goed als zeker is van hun voorkeur, dat 28% nog in beperkte mate zweeft en dat nog zo’n 15% van de kiezers in sterke mate zweeft. (Uitgaande van een opkomst van circa 75%, zoals in 2010 het geval was).

 

Kiezers D66 en GroenLinks aanzienlijk minder zeker van keuze

Relatief zeker zijn kiezers die nu een voorkeur uitspreken voor VVD, PvdA, PVV, CDA, SP en ChristenUnie: tussen de 40% en 50% van deze kiezers geeft momenteel aan dat de kans dat men daadwerkelijk op deze partij gaat stemmen zo goed als zeker is.

D66- en GroenLinks-kiezers zijn aanzienlijk minder zeker van hun keuze. Bij kiezers die D66 of GroenLinks zouden stemmen, is dat percentage slechts respectievelijk 27% en 16%. GroenLinks zou vooral kunnen verliezen aan D66 (50% van de GroenLinks-kiezers heeft D66 als tweede stemvoorkeur), terwijl D66-kiezers op hun beurt vooral aan de VVD (28% heeft de liberalen als tweede voorkeur) en in mindere mate aan GroenLinks (19%) en PvdA (15%) kunnen verliezen.

2 | Bij veel partijen is tussen 40 en 50% kiezers ‘zeker’ van keuze

Kiezers nu

VVD

PvdA

PVV

CDA

SP

D66

GL

CU

Gem.

Zeker (95-100%)

49%

45%

49%

44%

45%

27%

16%

50%

43%

Zeer waarschijnlijk (75-95%)

34%

39%

40%

38%

30%

41%

55%

38%

36%

Waarschijnlijk (50-75%)

14%

14%

10%

12%

22%

29%

19%

9%

17%

Kan nog alle kanten op (1-50%)

4%

2%

1%

5%

3%

4%

10%

2%

4%

Basis: kiezers met voorkeur voor een bepaalde partij (n=950)

 

  

SP wint kiezers van PvdA, GroenLinks, PVV en D66

Van de ‘grote’ partijen (tien Kamerzetels of meer) slagen de SP en VVD er momenteel het beste in om de kiezers uit 2010 te behouden: voor deze partijen geldt dat (bijna) tweederde opnieuw die partij zou kiezen, als er ‘vandaag verkiezingen zouden zijn’. De PvdA verliest – net als in de voorgaande peilingen - een kwart (24%) van haar kiezers aan de SP. Ook GroenLinks (26%), de PVV (11%) en D66 (10%) verliezen fors aan de socialisten. De VVD wint vooral kiezers van het CDA (13%) en D66 (10%). De PVV verliest ‘slechts’ 8% van haar kiezers aan de VVD.

3| SP wint van PvdA, GroenLinks, PVV en D66

Stemgedrag TK 2010

Stemgedrag nu

VVD

PvdA

PVV

CDA

SP

D66

GL

CU

VVD

62%

2%

8%

13%

2%

10%

1%

-

PvdA

0%

45%

1%

2%

3%

4%

7%

3%

PVV

4%

0%

51%

1%

3%

-

1%

-

CDA

3%

2%

1%

46%

-

-

-

3%

SP

4%

24%

11%

6%

66%

10%

26%

5%

D66

6%

7%

1%

4%

2%

54%

15%

-

GL

-

1%

-

1%

-

1%

24%

-

CU

0%

-

1%

7%

1%

-

3%

84%

Andere partij

4%

3%

3%

3%

1%

-

4%

2%

Weet nog niet/ zou niet stemmen

15%

16%

24%

18%

23%

21%

17%

3%

 

 

Ondanks ‘gerommel’ verliest PVV nauwelijks terrein

De tumultueuze presentatie van het partijprogramma van de PVV heeft weinig electorale gevolgen. Dat blijkt niet alleen uit het feit dat de PVV nauwelijks terrein verliest in de peiling, maar ook uit het feit dat de helft (49%) van de huidige PVV-kiezers aangeeft (vrijwel) zeker van zijn of haar keuze te zijn. Tegen bezwaren van enkele weglopers staan ook de argumenten van enkele nieuwkomers.

 

‘Veel te veel gerommel in de partij’ (stemde VVD, zou enkele weken geleden PVV stemmen, zou nu SP stemmen)


Ik switch tussen die twee, PVV maakt er een potje van de laatste weken’ (stemde PVV, zou nu VVD stemmen)


‘Hun verkiezingsprogramma’
(stemde VVD, zou nu PVV stemmen)


‘Vertrouwen in politiek is momenteel weg. PVV-terminologie spreekt mij aan. Mijn stem zou deels een proteststem zijn’
(stemde CDA, zou nu PVV stemmen)

 

Voor bijna een kwart van de PVV-aanhang (22%) is de SP een aantrekkelijke tweede keuze, waarmee deze partij voor de PVV een groter electoraal risico vormt dan de VVD (voor 16% de favoriete tweede keuze). Omgekeerd geldt dat de PVV meer te winnen heeft bij de VVD dan bij de SP (respectievelijk 13% en 8% noemt de PVV als favoriete tweede keuze).

 

Diverse argumenten om naar SP te switchen

De electorale positie van de SP is momenteel zeer gunstig, onder meer vanwege de waardering voor SP-leider Roemer (die nog steeds het hoogst gewaardeerd wordt met een 6,4). Maar de SP is ook een populair stemalternatief (bij 10% van de kiezers). Daarmee is de SP even populair als D66 als tweede keuze en iets populairder dan PvdA (9%) en VVD (9%).

 

‘Roemer is een leuke man’ (stemde D66, zou nu SP stemmen)


SP geeft mijns inziens beter resultaat met betrekking tot ouderen’ (stemde GroenLinks, zou nu SP stemmen)


Komt beter overeen met mijn ideeën’ (stemde PVV, zou nu SP stemmen)


‘Omdat ik de standpunten van de PVV beter heb bekeken, en deze soms veel te ver vind gaan’
(stemde SP, zou enkele weken geleden PVV stemmen, zou nu SP stemmen)


‘Komt steeds met betere argumenten, terwijl het bij de PvdA kwakkelt’
(stemde PvdA, zou nu SP stemmen)

 

De concurrentie tussen SP en PvdA is echter onverminderd hevig. Dit wordt geïllustreerd door het feit dat voor 43% van de PvdA-kiezers de SP de favoriete tweede keuze is (goed voor zo’n acht à negen zetels), maar dat omgekeerd geldt dat de PvdA voor 32% van de SP-kiezers op twee komt (goed voor ruim tien zetels). In potentie kan de PvdA de SP dus nog voorbij streven, en omgekeerd kan de SP nog doorgroeien.

 

Ook VVD behoudt goede papieren

Ook de VVD heeft nog uitstekende papieren om op 12 september de grootste worden. Een op de tien (9%) kiezers noemt VVD als stemalternatief. Daarnaast lijken de huidige VVD-kiezers momenteel iets zekerder van hun zaak dan de huidige SP-kiezers (zie tabel 2).

 

De VVD lijkt vooral nog verdere winst te kunnen boeken ten koste van D66 en CDA (respectievelijk 28% en 27% van de CDA- en D66-achterban noemt de VVD als tweede keuze). Menigeen anticipeert op de angst voor een overwinning van de SP, maar ook recente inhoudelijke argumenten spelen een rol:

 

Tactisch tegen SP. En D66 steunt afschaffing onbelaste reiskosten. Dat legt een onevenredig groot deel van de kosten van de crisis bij de forensen’ (stemde D66, zou nu VVD stemmen)


Interviews met Rutte en Zijlstra gelezen en deze hebben mijn aanvankelijke aarzeling om op de VVD te stemmen zeer sterk afgezwakt. Inmiddels meer duidelijkheid sinds 2010 gekregen over de praktische koers van de VVD’ (stemde D66, zou nu VVD stemmen)


‘Heb ik vanaf mijn 18e op gestemd. Terug naar het oude nest’
(stemde PVV, zou nu weer VVD stemmen)

 

Bij verspreiding of publicatie de bron TNS NIPO gebruiken.

Voor meer informatie:

 

Peter Kanne

TNS NIPO

t. 020 522 59 24/ 06 22 54 96 31

e. peter.kanne@tns-nipo.com

 

Tim de Beer

TNS NIPO

t. 020 522 53 99/ 06 39 23 11 75

e. tim.de.beer@tns-nipo.com


TNS NIPO zal tot 12 september wekelijks een peiling publiceren.
Elke dinsdag rond 17 uur.


 


Onderzoeksverantwoording

Onderzoeksnummer: D0542. Onderzoeksmethode: TNS NIPObase CAWI.

Aantal respondenten: aan het onderzoek werkten 1.552 Nederlanders (18+) mee.

 

Veldwerkperiode: 8 t/m 10 juli 2012 12.00 uur.

De steekproef is getrokken en gewogen op basis van de ideaalcijfers voor geslacht, leeftijd, opleiding, gezinsgrootte, regio, sociale klasse en politiek stemgedrag bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer op 9 juni 2010.

 

We benadrukken dat we in deze zetelpeiling met steekproefmarges te maken hebben. Voor de grootste partijen (de SP, met 22,5%) is dat 2,0%. Dit komt overeen met circa drie zetels meer of minder. In theorie kan de VVD (20,1% van de stemmen) momenteel groter zijn.

TNS NIPO werkt met een zogeheten rolling panel: respondenten van het ene onderzoek worden voor een kwart aangevuld door nieuwe respondenten. Het voordeel van deze methode is dat veranderingen over langere tijd gezien met een kleinere steekproefmarge dan hierboven geschetst te kampen hebben.