Peiling TNS NIPO: CDA en PvdA kruipen naar elkaar toe

Gepubliceerd: 08-08-2012

Als er ‘vandaag verkiezingen voor de Tweede Kamer zouden worden gehouden’, maakt de SP met 37 zetels de meeste kans om de grootste partij te worden. De VVD daalt een zetel en staat hiermee nu op 30 zetels. De nummers drie tot en met zes volgen op gepaste afstand met 12 tot en met 16 zetels lager dan de VVD.

De SP stijgt deze week twee zetels en komt hiermee weer op hetzelfde zetelaantal uit als twee weken geleden. De PvdA daalt een zetel en komt nu uit op 17 zetels. De partij is hiermee slechts één zetel groter dan het CDA die de stijgende lijn doorzet en op 16 zetels uitkomt. Het verschil tussen het CDA en de PvdA was vier weken geleden nog zeven zetels.

GroenLinks en de PVV stijgen één zetel, respectievelijk naar 5 en 18 zetels. De middenpartijen D66 (14 zetels) en de ChristenUnie (6 zetels) verliezen respectievelijk 1 en 2 zetels. De SGP (3 zetels) en 50 Plus (2 zetels) behouden hun vorige zetelaantallen. DPK (0,4%) en de Piratenpartij (0,2%) komen wederom stemmen te kort voor een zetel.

Van de kiezers die nu een voorkeur voor een partij aangeven (74% van de ondervraagden), weet 44% van de kiezers zeker dat ze op deze partij gaan stemmen. Nog eens 38% benoemt de huidige partijkeuze als zeer waarschijnlijk. Omgerekend naar alle kiesgerechtigden (dus inclusief degenen die nog geen voorkeur kunnen geven omdat ze nog niet weten welke partij dat zou moeten zijn of niet gaan stemmen) kunnen we stellen dat nog altijd slechts een derde van alle kiezers is ‘geland’, dus zo goed als zeker is van de eigen voorkeur.



Groot gedeelte electoraat houdt vast aan partijkeuze 2010
Net als vorige week weten de grote partijen van tien Kamerzetels of meer het beste kiezers uit 2010 te behouden. Zo zouden steeds meer SP-stemmers uit 2010 weer op de partij stemmen (71%) wat geldt voor 59% van de VVD kiezers. Ook D66 weet met 59% nog een grote groep kiezers te binden, hoewel 13% een overstap naar de VVD overweegt. GroenLinks heeft met 29% een afnemende groep trouwe kiezers. Een groep van eveneens 29% van de GroenLinks-kiezers uit 2010 stapt nu over naar de SP.

Vier op de tien (39%) PvdA-kiezers is trouw aan de partij, wat iets minder is in vergelijking met vorige week (toen was het 41%). Een kwart (26%) van het PvdA electoraat in 2010 zou nu op de SP stemmen.

Tweede keuze: D66 en SP het meest aangegeven als tweede keus
Gevraagd naar de tweede voorkeur van de kiezer, scoren D66 (13%) en SP (13%) het beste. Daarna volgen PvdA met 11%, de VVD (10%), het CDA (6%), GroenLinks (5%), ChristenUnie (5%), 50 Plus (4%) en de PVV (4%).

De SP wordt door kiezers van diverse pluimage als tweede keuze overwogen. Zo geeft 23% van de PVV-kiezers de SP als tweede keuze aan, maar ook 19% van de GroenLinks-kiezers, 14% van de D66-kiezers en 7% van de VVD-kiezers. Maar verreweg het grootste potentieel ligt onveranderd bij PvdA-kiezers: 44% van hen geeft de SP als tweede voorkeur op.

De VVD wordt vooral door CDA-stemmers (28%) en D66-kiezers (27%) als tweede voorkeur opgegeven en in iets mindere mate door PVV-stemmers (18%).

De PVV wordt weinig opgegeven als tweede keus: slechts 4% van de respondenten geeft de PVV aan als tweede keus. Dit zijn vooral VVD-kiezers (11%) en SP-stemmers (6%).

De PvdA wordt vooral door SP-stemmers opgegeven als tweede keus: 28% van de SP-stemmers geeft de PvdA als tweede keus op. In mindere mate geven D66-stemmers en GroenLinks-kiezers (beide 15%) de PvdA op als tweede keus.

Het CDA wordt vooral door VVD-kiezers en ChristenUnie-stemmers als tweede keus opgegeven (respectievelijk 19% en 30%).

D66 is de favoriete tweede keuze voor VVD-stemmers (29%) en GroenLinks-stemmers (24%). Daarnaast geeft 16% van de CDA-stemmers, 15% van de PvdA-kiezers en 12% van de SP-stemmers D66 op als tweede keus.

SGP vrouwenstandpunt
Respondenten is verder gevraagd of men anders is gaan denken over de SGP na de uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Gemiddeld 7% van de kiezers zou positiever over de SGP gaan denken als men vrouwen toelaat op de kieslijst. Vooral de CDA stemmers zijn met 14% positiever dan voorheen. De kans dat men hierdoor in de toekomst ook een keer op de SGP zou gaan stemmen is echter marginaal. Ook zijn er respondenten die aangaven juist negatiever te zijn gaan denken. 'Als de SGP zelf het besluit had genomen had ik dat positief beoordeeld. Nu zullen ze altijd blijven zeggen dat ze geen vrouwen op de lijst willen'. SGP-stemmers zelf zijn verdeeld over de consequenties van de uitspraak. Men doet het af als een intern probleem, als een positieve ontwikkeling of juist als een uitspraak die indruist tegen de grondbeginselen van de partij en dus als niet gewenst.

'Het is een zaak van de SGP zelf. Vrouwen maken er geen enkel probleem van. Het is een wens van de "buitenwacht" die helemaal niets met de SGP heeft. Als men er binnen de SGP en de leden er geen problemen mee hebben vind ik dat anderen dat niet kunnen en mogen verplichten.'

'Ik ben het er volledig mee eens, maar vind de manier waarop, via procesvoering, niet chique.'

'Absurde uitspraak! Als een partij bepaalde principes aanhangt is dat te respecteren. Tevens staat het iedereen vrij de partij te kiezen waar die zich het meest bij thuis voelt.'

'Wat mij betreft zijn vrouwen in de politiek geen probleem.'


Overigens staat de SGP al een aantal weken stabiel op 3 zetels, één zetel hoger dan het huidige aantal in de Tweede Kamer.

Onderzoeksverantwoording
Onderzoeksnummer: D0542. Onderzoeksmethode: TNS NIPObase CAWI.
Aantal respondenten: aan het onderzoek werkten 1.557 Nederlanders (18+) mee.
Veldwerkperiode: 3 t/m 7 aug 2012 11.00 uur.

De steekproef is getrokken en gewogen op basis van de ideaalcijfers voor geslacht, leeftijd, opleiding, gezinsgrootte, regio, sociale klasse en politiek stemgedrag bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer op 9 juni 2010.

We benadrukken dat we in deze zetelpeiling met steekproefmarges te maken hebben. Voor de grootste partijen (de SP, met 23.8 %; de VVD met 19.5%) is dat 2,2%. Dit komt overeen met circa drie zetels meer of minder.
TNS NIPO werkt met een zogeheten rolling panel: respondenten van het ene onderzoek worden voor een kwart aangevuld door nieuwe respondenten. Het voordeel van deze methode is dat veranderingen over langere tijd gezien met een kleinere steekproefmarge dan hierboven geschetst te kampen hebben.

Esther Grisnich
TNS NIPO
t. 020 522 59 78/ 06 25 33 20 32
e. esther.grisnich@tns-nipo.com
 
Henk Foekema
TNS NIPO
t. 020 522 54 72
e. henk.foekema@tns-nipo.com
 
 1 | CDA en PvdA kruipen naar elkaar toe
  TK
2010
30 mei
‘12
20 juni
‘12
26 juni
‘12
3 juli
‘12
10 juli 
‘12
17 juli 
 ‘12
24 juli
‘12
31 juli
‘12
7 aug
’12
VVD 31 29 32 34 32 31 32 31 31 30
PvdA 30 20 20 19 19 20 19 19 18 17
PVV 24 19 17 18 19 18 17 16 17 18
CDA 21 18 17 14 14 13 14 15 15 16
SP 15 29 32 30 31 34 36 37 35 37
D66 10 17 15 18 17 16 15 15 15 14
GL 10 6 5 5 4 3 4 4 4 5
CU 5 6 6 7 7 8 7 6 8 6
PvdD 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2
SGP 2 2 2 2 3 3 3 3 3 3
50 Plus - 2 2 1 2 2 1 2 2 2
DPK - 0 0 0 0 0 0 0 0 0
PiratenPartij - 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Overig 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0