Ondanks crisis blijven Nederlanders op vakantie gaan

Gepubliceerd: 30-11-2012

Aantal vakanties stijgt licht, bestedingen reis en verblijf staan onder druk
 
In totaal ondernamen Nederlanders in 2012 bijna 37 miljoen vakanties: 18,1 miljoen vakanties werden in eigen land doorgebracht en zo’n 18,6 miljoen vakanties in het buitenland. In totaal besteedden Nederlanders bijna 16 miljard euro aan hun vakanties. Vergeleken met vorig jaar is het aantal vakanties licht gestegen terwijl de bestedingen aan reis en verblijf zijn gedaald. Dit blijkt uit de jaarresultaten van het ContinuVakantieOnderzoek (CVO) van NBTC-NIPO Research.
 
Iets meer vakanties in eigen land
Het aantal binnenlandse vakanties is het afgelopen vakantiejaar met zo’n 400.000 vakanties gestegen naar 18,1 miljoen (+2%). Deze groei kwam geheel voor rekening van korte hotelvakanties. Dit aantal groeide met ruim een half miljoen naar een record van 3,9 miljoen vakanties (+17%). Het aantal kampeervakanties daalde – mede door het matige zomerweer – met 6% naar 4,6 miljoen vakanties. Het aantal vakanties in een bungalow bleef stabiel op zo’n 6,7 miljoen. Evenals voorgaande jaren waren de Noordzeebadplaatsen de populairste regio in eigen land; het aantal vakanties steeg met 5% naar 2,3 miljoen. Ook de Veluwe trok meer vakantiegangers (+11%) en plaatste zich met 2,1 miljoen vakanties op de tweede plaats. De Groningse, Friese en Drentse zandgronden staan op de derde plaats met bijna 2 miljoen vakanties.
 
Aantal buitenlandse vakanties stabiel
Het aantal vakanties naar het buitenland is het afgelopen jaar gestabiliseerd op 18,6 miljoen. Vergeleken met vorig jaar groeide het aantal vakanties naar het Middellandse Zeegebied met zo’n 5 procent, terwijl het aantal vakanties naar de rest van Europa daalde met zo’n 2 procent. Het aantal verre reizen stabiliseerde. Net als vorig jaar voert Duitsland de top tien van buitenlandse vakantiebestemmingen aan. Zo’n 3,4 miljoen vakanties werden bij onze oosterburen doorgebracht, wat een stijging betekent van 2 procent ten opzichte van 2011. Frankrijk, dat op de tweede plaats staat, zag het aantal vakanties met 5 procent dalen naar 2,8 miljoen vakanties. België neemt de derde plaats in beslag met ruim 1,8 miljoen vakanties.

Gemiddelde reissom lager
De gemiddelde reissom (dit zijn vooruitbetaalde bedragen voor accommodatie en/of vervoer) was afgelopen vakantiejaar 286 euro per persoon per vakantie. Ten opzichte van 2011 is dat een daling van zo’n 3 procent. In totaal gaven Nederlanders zo’n 15,7 miljard euro uit aan hun vakantie in 2012. Hiervan kwam ruim 2,8 miljard voor rekening van binnenlandse vakanties en 12,9 miljard voor buitenlandse vakanties.

Meer informatie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Thérèse Ariaans op 06-11388374 en/of  tariaans@nbtcniporesearch.nl

Meer informatie over NBTC-NIPO Research en het CVO vindt u op www.nbtcniporesearch.nl 

Over het ContinuVakantieOnderzoek (CVO)
Het CVO is een grootschalig en representatief consumentenonderzoek naar het vakantiegedrag van de Nederlandse bevolking dat wordt uitgevoerd door NBTC-NIPO Research. In het CVO wordt onder een vakantie verstaan: een verblijf buiten de eigen woning voor ontspanning of plezier met ten minste een overnachting. Het gaat daarbij zowel om binnen- als buitenlandse vakanties. Het onderzoeksjaar van het CVO 2012 liep van 1 oktober 2012 t/m 30 september 2012.

 
Tabel 1:   Top 10 buitenlandse bestemmingen (1 oktober 2011 – 30 september 2012)
Bestemmingen Aandeel (%) Aantal vakanties (x 1.000)
  2011 2012 2011 2012
1. Duitsland 18 18 3.330 3.400
2. Frankrijk 16 15 2.950 2.800
3. België 11 10 1.970 1.810
4. Spanje 10 10 1.770 1.800
5. Oostenrijk 6 7 1.180 1.230
6. Italië 5 6 990 1.030
7. Turkije 4 4 820 820
8. Groot-Brittannië 4 4 800 770
9. Griekenland 3 3 590 640
10. Verenigde Staten 2 2 370 460
Overige bestemmingen 22 21 3.790 3.870
Totaal 100 100 18.560 18.630
 

Tabel 2:   Top 10 binnenlandse toeristengebieden (1 oktober 2011 – 30 september 2012)
Bestemmingen Aandeel (%) Aantal vakanties
(x 1.000)
  2011 2012 2011 2012
1. Noordzeebadplaatsen 12 12 2.140 2.250
2. Veluwe en Veluwerand 11 12 1.920 2.120
3. Groningse, Friese en Drentse zandgronden 12 11 2.080 1.980
4. Oost-Brabant, Noord- en Midden-Limburg
en Rijk van Nijmegen
10 10 1.780 1.770
5. West- en Midden-Brabant 9 9 1.680 1.710
6. Twente, Salland en Vechtstreek 8 8 1.340 1.400
7. Zuid-Limburg 6 6 1.120 1.040
8. Waddeneilanden 5 5 940 980
9. IJsselmeerkust 6 5 990 910
10. Deltagebied 3 4 620 710
Overige bestemmingen  17 18 3.150 3.240
Totaal 100 100 17.740 18.120